Pijlstaart 1918-1930

Unique foto's uit het verleden.

  • Wedstrijden
  • Familie album
  • Bouwtekeningen

 

Pijlstaart 1947-1951

Nieuwe feiten over de restauratie bij BAGLIETTO in Varezze Italie.

  • Foto's restauratie
  • Pijlstaart onder italiaanse vlag

Pijlstaart te koop.

Pijlstaart te koop aangeboden, een unique kans voor de liefhebber van ruimte, comfort en nostalgie. Een investering die de moeite waard is. Voor nadere info mail r.adrichem@ic-net.nl

 


Warning: Creating default object from empty value in /home/pijlstaart/8U2792X3/htdocs/plugins/system/jfdatabase/jfdatabase_inherit.php on line 303
Nederlands (NL-BE)

Warning: Creating default object from empty value in /home/pijlstaart/8U2792X3/htdocs/plugins/system/jfdatabase/jfdatabase_inherit.php on line 303
Pijlstaart in ''Spiegel der zeilvaart'' Afdrukken E-mailadres

De afgelopen 3 jaar is de geschiedenis van de Pijlstaart is volledig uitgeplozen door Jan van Wijlen.

De resulktaten van dit unieke onderzoek worden gepubliceerd in de ''Spiegel der zeilvaart'' maart, april en mei.

Klik op de tekst voor de artikelen:

Ook staat de Pijlstaart uitgebreid beschreven bij het Stichting Stamboek Ronde en Platbodemjachten
zie website: https://www.ssrp.nl/stamboek/schepen/pijlstaart-2

 

Pijlstaart zoekt nieuwe eigenaar, participant of investeerder, heeft u interesse mail: Dit e-mailadres is beschermd tegen spambots. U heeft Javascript nodig om het te kunnen zien.

 
De Pijlstaart Afdrukken E-mailadres

GESCHIEDENIS TEAKHOUTEN LEMSTERAAK "PIJLSTAART"

Gebouwd in 1918 lengte 15,15 meter, breedte 5,35, diep 1,20

Bouw 1918/1919


Gebouwd in 1918/1919 bij de werf van Thiebout te Ouderkerk aan de Amstel in opdracht van Dhr. Brugma, directeur van de Haagse Commissiebank en een zeer bemiddeld man. Brugma voer met zijn eveneens door Thiebout ontworpen kotterjacht van staal de Justienne 1, voornamelijk op de Kaag. Op een dag zei zijn schipper; ik heb vandaag ruim 10 jachten op de Kaag geteld, waarop Brugma zei; het wordt mij hier veel te druk, ik laat mij een houten schip bouwen, groter, van het beste hout, waarmee ook verre reizen gemaakt kunnen worden. Er werd vermoedelijk voor hout gekozen vanwege het zoute water op Zuiderzee, Oostzee, Noordzee, Middellandse Zee. De beste soorten Java teak werden voor de huid en Inlands eiken voor de spanten geselecteerd.( n.a.v. gesprekken oudste zoon Brugma)

Thiebout was een zeer eigenzinnige scheepsbouwer en gaf zijn schepen allemaal een bijzondere uitstraling. Het verhaal gaat,dat het schip, met name de kop twee maal gebouwd moest worden, doordat het teak zich niet liet buigen in de gewenste vorm.

Hierdoor is uiteindelijk ook een afwijking ontstaan ten opzichte van het oorspronkelijke lijnenplan.

Het interieur van de Pijlstaart werd destijds ontworpen door de :firma Mutters in Den Haag, het bedrijf dat ook de Holland America Lijn schepen in timmerde. Aan opdrachtgevers werd het ontwerp van het interieur in aquarellen ter goedkeuring aangeboden. De oudste zoon van Brugma, welke wij in Antwerpen gesproken hebben, kon zich deze aquarellen nog heel goed herinneren en vermoedde dat ze in de oorlog, tijdens het vele evacueren verloren zijn gegaan. Het schip was betimmerd met panelen, ingelegd met verschillende houtsoorten. Hij herinnerde zich een rand met roosjes rond om op het tafelblad. Ook veel beeldhouwwerk behoorde tot de oorspronkelijke inrichting. Verder zaten er met leer beklede banken in, gecapitonneerd. Wij hebben een ander door Thiebout gebouwd schip, een eiken houten poon, bezocht de Ouderhouck van de heer Verhaege, waarin de oorspronkelijke betimmering nog zit, erg druk maar zeer de moeite waard.  Tot de uitrusting behoorde verder o.a. een koelkast, bestaande uit een kast waar hele broden ijs in gingen, (zie de oude indelings tekeningen), en een Kermit voortstuwingsmotor van Amerikaanse makelij (zie de copy's uit Ons Element). De bemanning die al was aangenomen, tijdens de bouw van het schip bestond uit een schipper en een knecht. Het schip zou Justienne II gedoopt worden en bestek en serviesgoed waren reeds van deze naam voorzien. Begin 1919 bezocht de heer Brugma met zijn oudste zoon de werf, met een koets werd de afstand Den Haag-Ouderkerk aan de Amstel over kronkelweggetjes afgelegd, het schip was bijna klaar. Tijdens dit bezoek liep de heer Brugma een verkoudheid op en binnen drie weken overleed hij op 36 jarige leeftijd aan de gevolgen van de toen heersende Spaanse griep. Zijn vrouw zag zich daarop genoodzaakt het schip te verkopen, zo heeft de familie Brugma nooit

op het schip gevaren en heeft de Justienne II nooit bestaan, het schip werd nog voor de te waterlating verkocht aan de Mr Pieters uit Rotterdam en deze doopte hem in 1919 "De Pijlstaart". Volgens de beide zoons van Brugma, heeft de bouw van Pijlstaart destijds tussen de 15.000 en 20,000 euro gekost, wat voor die tijd uitzonderlijk veel was. Het schip heeft binnen de familie Brugma een bijzondere herinnering behouden en een grote indruk achtergelaten. Zo heeft de jongere zoon in de jaren 60 nog een modellaten bouwen in Canada, schaal 1 op 20 Met de zelfde materialen als de ware Pijlstaart, door de afneembare kajuit kun je de betimmering zien.

 

Tijdens een van zijn vele reizen als marineofficier kwam de oudste zoon Brugma in 1932 de Pijlstaart tegen in een dok in Monte Carlo, waar hij een foto van haar heeft gemaakt ( bijgevoegd aan geschiedenis) De oudste zoon van Brugma, was een van de laatste

Kaaphoornvaarders, op de Duitse vijfmaster Passaat. Tot de vijftiger jaren was hij gezagvoerder op de Witte Olifant, een schokker van de genie, een mijnenlegger, waarin hij naar eigen zeggen het inbouwen van een motor tot het eind heeft weten tegen te houden,

omdat de vijand je dan niet kan horen aankomen. Deze vloot bestond uit 4 schokkers, de Witte Olifant, M.D.3, Klundert + ??? en een Lemsteraak de Nettie( voorheen Albis), deze was het verblijfvoor de officieren.

In de jaren 20 voer de Pijlstaart veel op de Maas en de Zeeuwse wateren, zij voer veel wedstrijden tegen gelijkwaardige Lemsteraken, waaronder Hallie, Onrust en de Dolfijn, zij was echter toen al de enige houten aak. Zij fungeerde vaak als sleepschip voor andere motorloze aken. Zij presteerde in de wedstrijden goed en behaalde ook eerste prijzen. De thuishaven als lid van de Koninklijke Roei en Zeilvereniging De Maas was de Veerhaven te Rotterdam. In het jubileumboekje dat is uitgegeven ter gelegenheid van het ... jarig bestaan van RZV de Maas wordt ook aan de Pijlstaart de nodige aandacht besteed, als uniek houtenjachtaak.(zie copy boekje RZV)

In 1929 werd het schip door Pieters verkocht en ging zij over in Engelse handen. De nieuwe eigenaar besluit het schip via Rijn, Marne en Rhone naar de Middellandse Zee te varen. Ook over deze reis stond een verslag in het toenmalige watersportblad Ons Element. Hierin wordt o.a. verteld hoe, ten gevolge van ziekte van een bemanningslid het schip in Straatsburg moet overwinteren.

 

Gedurende de tweede wereldoorlog komt het schip in handen van Italiaanse partizanen, welke het onder andere als troepentransportschip gebruiken. Op het voordek wordt een geschut geplaatst. In 1944 loopt het fout af, het schip ligt voor anker voor de kust van Sicilië en wordt tijdens de landing op Sicilië door Duits vuur geraakt en tot zinken gebracht. Het duurt tot 1946, voordat in opdracht van de Italiaanse oorlogsmarine het schip wordt geborgen en vervolgens bij de werf Baglietto in Varazze gerestaureerd wordt. Het gehele authentieke interieur is tijdens haar verblijf op de Middellandse zeebodem verloren gegaan.

 

In het blad Velo et Motore wordt een artikel aan de Pijlstaart gewijd, waarin verluid dat het hier een van de meest luxueuze schepen betreft, die er op dat moment in Italiaanse wateren rondvaren"en uitleg wordt gegeven over het gebruik van de zwaarden, die "aan de zijde van de wind worden neergelaten om afdrijven te voorkomen"FOUTJE !!!

De Italiaanse werf modificeert de romp tot een soort zeeschip, door er een zette boord van ca.50 cm. op te zetten. Kajuit en kuipvloer worden verhoogd en het dek loopt via de gangboorden flush over het achterdek. Het roer wordt voorzien van een overbrenging d.m.v.

ketting en kwadrant.

 

Hierna komt het schip weer in handen van de rechtmatige eigenaar, vermoedelijk een Fransman. Het schip vaart tot de zestiger jaren langs de Franse Riviera, getuige een Franstalig krantenbericht uit deze periode waarin het schip gefotografeerd voor anker liggend in de baai

van Frejus (toegevoegd bij geschiedenis) De tekst bij het stukje is als volgt;

 

COPY VAN HET SCHIP VAN PRINSES BEATRIX VAN NEDERLAND VOOR

ANKER TE JUAN LES PUIS

Het Koninklijke schip met Nederlandse vlag "De Pijlstaart"ging voor anker te Juan-Ies-puis.

Dit Hollandse zeilschip met zijn typische vormgeving is een Lemsteraak gebouwd rond

1898(?) Na achtereenvolgens toebehoord te hebben aan een Hollandse visser(?), een Franse,

een Amerikaanse en een Engelse liefhebber, bleef de Pijlstaart meerdere jaren aangemeerd in

de haven van Antibes. Hij werd onlangs gekocht door de Hollandse amateur Dhr. Martin

Rademakers. De nieuwe eigenaar heeft de restauratie en het onderhoud van het schip

toevertrouwd aan Dhr. En Mevr. Perret. Ter gelegenheid van de zeefeesten in augustus

kunnen de toeristen in de haven van Juan-Les-Puis het verlichte schip met gehesen zeilen

bewonderen.

Prinses Beatrix van Nederland heeft voor persoonlijk gebruik een identiek schip laten

bouwen. Binnenkort zal de Pijlstaart via de kanalen naar Nederland terug varen. In de lente

zal het zijn plaats weer innemen in de haven van Galiee waar het aan een nieuwe carrière zal

beginnen. Na tijdens WO II deelgenomen te hebben aan het transport van Italiaanse

partizanen, maakt de Pijlstaart zich nu op om toeristen en cruise-liefhebbers mee te nemen

voor tochtjes op de Middellandse Zee.

Na deze franse periode is de pijlstaart terug gevaren naar Nederland en in Nederland volledig gerestaureerd bij de firma Stofberg op de werf te Leimuiden .

 

De nieuwe eigenaar BOB Exploitatie Maatschappij, (Hr. Rademakers) verkoopt het schip na aankomst in Nederland aan de fam. Erens De Italiaanse mast, giek zeilen worden door van der Neut en Molenaar vervangen voor een originele bij een Lemsteraak passende tuigage. Kajuitdak en de binnenbetimmering worden door Stofberg geheel vernieuwd. De motor wordt vervangen door

een Daf 575 en er wordt een Hatz dieselaggregaat in geplaatst Na enige jaren als familie schip vele reizen te hebben gemaakt naar Denemarken en de Oostzee, besluit de heer Erens het schip vanwege zijn gevorderde leeftijd en hij het Fysiek niet meer aankan te verkopen.

 

Johannes Boel wordt 20 januari 1975, voor € 75.000,-- de nieuwe eigenaar.( zie verkoopakte bij geschiedenis). Johannes boel is naast directeur van het NLR, tevens adviseur van o.a. de heer Biesheuvel. Hij besluit op het schip kantoor te houden en er tevens vanwege zijn liefde voor het schip en het verschil van mening hierover met zijn vrouw , er uiteindelijk ook maar op te gaan wonen.

Johannes zijn vrouw woont samen met twee kinderen op een riant verbouwde boerderij in Kraggenburg (toeval. .... ?, zo heette het schip van Thiebout ook) en Johannes dus op dePijlstaart, samen met zijn zoon Sebastiaan. Samen weten ze het schip goed te varen en maken

verre reizen naar de Oostzee (Denemarken, de Deense Wadden en Engeland) In deze periode wordt er een radar op gezet. s'winters ligt het schip bij de Kromhoutwerf van Amerongen te Amsterdam, aldaar genaamd "kantoor West" en zomers zwerft zij over het Wad en heeft als thuishaven de Noorderhaven te Harlingen, bij havenmeester Luc Scheepstra, deze is nu nog steeds havenmeester, hij heeft Johannes goed gekend en veel zaken betreffende het schip voor hem behartigd, zo ook Bas van de Meer van de scheepsartikelen winkel aldaar. De folder van het VVV van Vlieland uit 1994 toont een foto van haar half droog liggend in een slenk voor

de haven, zij is dan donker bruin gebeitst met oranje menie op de zetterboords.

 

Als ten gevolge van een tragisch ongeval Boel's zoon Sebastiaan verongelukt in de Porsche van vader, stort Johannes zijn wereld in. Hij was erg gesteld op Sebastiaan , het waren twee trouwe maten, die samen het schip aankonden. Johannes laat het schip achter op Helgoland om de begrafenis van zijn zoon bij te wonen , de gebroeders van Amerongen halen het schip voor hem op. Tijdens deze reis komen ze in zwaar weer terecht en er ontstaan problemen met het voorstag, deze gaat steeds slapper hangen, waardoor de mast bijna overboord wordt gezeild, de oorzaak was dat de voorsteven er langzaam uit getrokken werd, zij voeren een noodreparatie uit, later wordt op de Kromhoutwerf de voorsteven gedeeltelijk vernieuwd. Boel kan de dood van zijn zoon niet verwerken en raakt in een isolement, ook het schip heeft hier ernstig onder te lijden, bij gebrek aan onderhoud. Bas van de Meer, die toen nog een scheepstimmerbedrijf in de

Rommelhaven in Harlingen had, voert nu en dan noodreparaties uit om definitief verval te voorkomen. In overleg met broer Olivier, de wel bekende scheepsontwerper, wordt tevens besloten en stalen doos onder het zaadhout aan te brengen ter vergroting van de langsscheepse

stijfheid en het stalen zeilverband, dat in Italië onderdeks is aangebracht, door te trekken en hier een volledige stalen kooiconstructie van te maken.

 

Johannes wordt ernstig ziek, Bas moet, tegen zijn zin in, een gat in het kajuitschot zagen, net boven de kachel, zodat de warmte door het luikje in de hut van Johannes kan komen.Gelukkig heeft Johannes een vriendin aan boord, die hem wat verzorgd. Hij heeft veel pijn en

bestrijdt dat met verdovende middelen. Hij houdt verward nog een logboek bij, aangezien dit meer een dagboek is geworden, hebben wij daar nooit aanspraak op willen maken en deze gegevens zijn bij zijn vriendin gebleven. Wel lagen er aan boord verwarde aantekeningen,

welke bewaard zijn (bij geschiedenis) . Op de deuren van het schip had hij allemaal labeis geplakt met teksten, zoals luggage room, op de gastenhut. .. when you don't bring a good message, get lost, op het deurtje naar buiten.....Lost heads go first, de plafond verlaging naar

het vooronder riool to the sea, op het toilet en experimentation station, op zijn eigen slaaphut.(toegevoegd aan geschiedenis). Hij probeert het schip nog, in een laatste wanhoopsdaad, gratis weg te geven aan een predikant, die er van af ziet, vanwege het achterstallig onderhoud. Deze predikant heeft ons ooit aan boord bezocht.

Na een tragische periode overlijdt Johannes Boel in 1988, aan de gevolgen van kanker.Hij was volgens zijn kennissen een hele intelligente, aardige man.

Het schip is op dat moment ondergebracht in eigendom van de stichting Weduwe Pensioenfonds en is dus een pensioenvoorziening voor zijn vrouw. Een vriend van de heer Boel, de heer Ploegmakers krijgt als voorzitter van de Stichting de taak het schip, van zijn

overleden vriend, te verkopen.

 

De gebroeders van Amerongen slepen de Pijlstaart van Harlingen naar Amsterdam, waar zij in 1990 liggend bij 't Kromhout in zwaar verwaarloosde staat te koop ligt. Op de Hiswa hangt een affiche met de tekst "WIE REDT DE PIJLSTAART?"

 

Uiteindelijk gekocht door Rob en Ivon van Leyenhorst die het schip volledig op knapten en zeer veel avonturen mee beleefde. In 2004 is het schip gekocht door Robert Adrichem.